De bijna 40-jarige Yahn Janou kan al op een aanzienlijke carrière als schilder en op een toenemende schat aan schilderijen en ervaringen terugblikken. In zijn atelier zweeft de reuk van benzine zoals in een paddock, een paar half ingedrukte tubes liggen op de grond naast een palet, als waren zij de resten van een kortstondige discussie tussen een indigo en een zonsondergangrode kleurtoon.
Janou speelt met de materialen.
Hij bouwt het beeld in vlakken op, plaatst de motieven, brengt lagen over
elkaar aan om ons zijn idee te openbaren, laat daarbij in een hoek het uitgangspunt,
het naakte doek, zichtbaar.
Dit is geen realistische schilderkunst, en juist daarom bestaat zij. De kunstenaar
richt zijn blik op gebeurtenissen die hem omringen. Dat extreem sober resultaat
weerspiegelt een constructie, een structurering van het voorwerp. Dit maakt
deel uit van de emotie, en brengt het beeld tot leven.